Fred R

Fredericus Willibrordus Christianus R. Bijnaam “Fredje Hummer”

 

Fred R. werd geboren op 26 oktober 1968 in Hilversum. Hij kwam op 28 januari 2003 samen met Reggie R., de broer van Jesse R., van de sportschool. Hij moest nog tanken in Amstelveen en bij het betalen gaat ook Reggie R. naar binnen. Een passerende agent ziet dan een vuurwapen in de auto van R. liggen. Hij wordt aangehouden en er worden twee doorgeladen vuurwapens in zijn auto gevonden. Reggie R. weet te ontkomen. De Amsterdamse politie besloot op 31 januari 2003 tot huiszoeking over te gaan. Er werd een grote wapenvondst gedaan in de villa van R. te Vinkeveen. Hij huurde deze villa, via een bedrijf, van Katja Schuurman. Bij een huiszoeking zijn vijftien tot twintig zeer zware wapens en handgranaten en munitie aangetroffen. Voor deze wapenvondst werd R. tot 10 maanden cel veroordeeld. Zowel het OM als de verdediging gingen tegen deze uitspraak in hoger beroep. 

R. werd ook verdacht van een moord in Zeewolde in 1998. In 1999 werd hij tot 17 jaar veroordeeld voor die moord. Door een vormfout kwam hij echter vrij en mag hij hiervoor niet meer vervolgd worden.

In februari 2005 werd bekend dat hij samen met Greg R. het plan zou hebben gehad om een crimineel uit Hilversum te vermoorden.

In 2006 zou Fred R. met Alex de B. naar de woning van Atilla Ö. in Aerdenhout zijn gereden. R. zou de woning hebben aangewezen en tegen De B. hebben gezegd dat de bewoner geliquideerd moest worden.

Op woensdag 2 augustus 2006 werd R. op 37-jarige leeftijd gearresteerd op een camping in Spanje op verdenking van betrokkenheid bij de aanslag op Thomas van der Bijl. In de tweede week van augustus werd hij uitgeleverd aan Nederland.

Op 15 augustus 2007 verscheen een artikel in De Telegraaf waarin stond dat R. getuigen zou intimideren vanuit zijn cel. Hij zou dreigbrieven hebben geschreven aan personen die belastende verklaringen zouden hebben afgelegd.

R. zou, volgens de media, in de gevangenis in een telefoongesprek hebben gesproken over 2 miljoen euro die hij na zijn veroordeling van Dino S. zou krijgen. Ook zou hij hebben gezegd dat iemand alle advocaatkosten voor hem betaalde.

In november 2009 werd bekend dat het OM informatie had opgevraagd over bankrekeningen van de advocaat van R. Justitie wilde nagaan of de advocaatkosten van R. inderdaad door iemand andere werden betaald, om zo te achterhalen wie de opdrachtgever was in wiens opdracht R. liquidatie zou hebben georganiseerd. Volgens de advocaat was daarmee zijn verschoningsrecht geschonden.

Volgens Peter la S. was Fred R. de bestuurder van de motor die werd gebruikt bij de liquidatie van Cor van Hout. Achterop zou de schutter, Sjaak B., hebben gezeten.

Op 8 april berichtte De Telegraaf dat R. in de gevangenis in Vught een ‘bende’ van 27 medegedetineerden om zich heen had verzameld. Dat zou volgens De Telegraaf hebben gestaan in een rapport van de penitentiaire inrichting.

Op 5 oktober 2010 legden de advocaten van R. met onmiddellijke ingang de verdediging van R. neer. Over de reden van deze stap deden ze geen enkele mededeling.

Op 22 mei 2012 werd bekend dat R. op 30 mei 2012 een uiterste poging zou doen om op vrije voeten te komen. Hij zou de rechter in een kort geding tegen de Staat vragen om een einde te maken aan zijn voorarrest, dat toen al bijna 6 jaar duurde. De advocaat van R., Mr. Plasman, had de procedure al enkele maanden eerder aangekondigd.

Op 25 mei 2012 eiste het OM een levenslange celstraf tegen Fred R..

De rechtbank besliste op 8 juni 2012 dat het voorarrest van R. niet hoefde te worden opgeheven.

Op 29 januari 2013 werd Fred R. tot 30 jaar celstraf veroordeeld. De rechtbank gaf aan er geen enkel vertrouwen in te hebben dat R. zich zou ontwikkelen tot een nette burger.

Op 12 september 2014 werd bekend dat Fred R. een overeenkomst had gesloten met het OM. In ruil voor zijn verklaringen zou tegen R. in het hoger beroep van de liquidatiezaak een celstraf van 15 jaar worden geëist. Volgens de hoofdaanklager in hoger beroepszaken zou er een hogere straf geëist kunnen worden als de behandeling van het hoger beroep daartoe aanleiding zou geven. Hij verklaarde verder dat de gesprekken met R. over een deal in december 2013 waren hervat na het mislukken van een eerste poging. De gesprekken zou hebben geresulteerd in een order vol verklaringen. Die verklaringen waren grondig bekeken en de verklaringen van R. zou overeind zijn gebleven. Ze zouden vooral belastend zijn voor Dino S., Willem Holleeder en Ali A. De verklaringen van R. zouden de verklaringen van Peter la S. op hoofdlijnen ondersteunen. Het college van procureurs-generaal zou op 12 augustus 2014 toestemming hebben gegeven voor de deal met R. Dino S. en Ali A. lieten weten dat R. ‘een viezerik’ en een leugenaar was. Volgens S. had hij de verklaringen van R. dagenlang gelezen en was hij geschrokken dat het OM met ‘deze aantoonbare leugenaar in zee is gegaan’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *