Cees H

Cornelis Jacobus H.  Bijnaam:”Cees”, “Puk”.

 

 

Cees H. werd in 1952 geboren in Amsterdam als jongste in een gezin met 4 kinderen. Hij maakte de detailhandelsschool in Amsterdam nooit af en begon op 18-jarige leeftijd een autohandel in Haarlem. Samen met een vriend importeerde hij o.a. Blazers, een in die tijd populaire terreinwagen. H. speelde in die tijd jarenlang ijshockey in de top van de Nederlandse competitie, als ‘center’ bij de Amstel Tigers. Een klap op het hoofd, waardoor hij altijd hoofdpijn bleef houden, maakte een eind aan zijn sportcarrière. Via de autohandel kwam H. ook terecht in de wereld van de horeca. Hij zou meerdere cafés en dancings hebben geëxploiteerd in Amsterdam en Zandvoort. In de jaren-70 ging hij zich bezighouden met drugshandel. Hij was getrouwd en had twee kinderen. In 1984 woonde hij in Zwanenburg en werd hij gearresteerd en door de rechtbank in Utrecht tot 9 jaar cel veroordeeld voor omvangrijke handel in hasj en cocaïne. Bij diezelfde smokkel was ook Bennie Mulch betrokken. Die zou echter niet zijn veroordeeld omdat hij een informant van de politie zou zijn geweest. Op 23 december 1985 werd Mulch doodgeschoten. De naam van H. werd genoemd als mogelijke (mede-)opdrachtgever van die moord.

Op 2 september 1985 ontsnapte hij uit de Bijlmerbajes. Een kikvorsman was het grachtje rond de gevangenis overgezwommen en was via een ladder op de 5 meter hoge muur geklommen. Hij liet aan de andere kant ook een ladder zakken. De ladders bleken later al enige tijd in het water gelegen te hebben. Volgens een getuige in het proces tegen H. was het Klaas Bruinsma die H. hielp ontsnappen. Als tegenprestatie zou H. Johan V. in de val moeten lokken. H. zou dit geweigerd hebben en zou zich hebben aangesloten bij Johan V.  Zijn huwelijk was inmiddels stukgelopen en H. vertrok met zijn nieuwe vriendin voor ruim een jaar naar Spanje en Zuid-Frankrijk. Hij miste Nederland echter en vestigde zich daarom in Antwerpen. Hij begon er een autoverhuurbedrijf. Hij had ook financiële belangen in een Rotterdamse maatschappij die handelde in olie en mineralen. Volgens justitie zou hij die bedrijven hebben gebruikt voor het witwassen van drugsgeld. In februari 1991 begon justitie een onderzoek naar de Femis-bank in Baarle Nassau. Men ontdekte een aantal rekeningen met grote bedragen en al snel ontdekte de FIOD dat de rekeningen van H. waren. Bij huiszoeking in het autoverhuurbedrijf van H. in Antwerpen ontdekten rechercheurs een proces-verbaal over het onderzoek naar H.

Op 26 april 1993 of 10 mei 1993 werd hij opnieuw gearresteerd. Hij werd ervan verdacht de leider te zijn geweest van een drugsbende die tussen 1986 en 1992 meer dan 268.000 kilo hasj zou hebben gesmokkeld.

H. stond in april 1994 op 40-jarige leeftijd voor de rechtbank in Amsterdam. Op dat moment was het de grootste drugszaak die ooit door een Nederlandse rechter werd behandeld. Op 17 april 1994 maakte het OM bekend dat het 500 miljoen gulden van H. zou gaan vorderen. Hij werd ervan verdacht een centrale rol te hebben gespeeld in een omvangrijke hasjbende. Volgens justitie zou de bende van H. ongeveer 800 miljoen aan de drugshandel hebben verdiend. Een aantal handlangers van H. werd in een eerder stadium al veroordeeld. Zo werden in Canada twee Nederlanders tot 15 jaar celstraf veroordeeld. Eén van hen moest worden vrijgelaten nadat was gebleken dat de verdenking tegen hem mede berustte op een door twee opsporingsambtenaren vervalst proces-verbaal.

In 1994 eiste het OM 308 miljoen gulden van H.. De rechtbank in Amsterdam adviseerde het OM om zich te beperken tot een claim van nauwelijks 7 miljoen omdat er nauwelijks bewijzen zouden zijn voor de hoge claim.

H. werd tot 4 jaar veroordeeld en moest het restant van zijn oude straf nog uitzitten waardoor hij 8 jaar in cel zou moeten doorbrengen. H. probeerde opnieuw te ontsnappen uit de Bijlmerbajes op 20 oktober 1994, ditmaal met behulp van het explosief semtex. In zijn cel had hij de beschikking over 35 meter touw, veiligheidshaken en bergbeklimmerschoenen. Naar aanleiding van de poging om uit de Bijlmerbajes te ontsnappen met behulp van explosieven werd een onderzoek ingesteld. Gedetineerden en bewaarders werden verhoord en uit de verhoren zou zijn gebleken dat bewaarders drugs, wapens en explosieven konden kopen bij bewaarders. De springstof zou worden geleverd in pakjes shag en sterke drank in shampooflessen. Een 39-jarige bewaarder bekent dat hij de haken en het touw binnen de gevangenismuren heeft gebracht. Zijn gezin zou thuis zijn bedreigd zodat hij onder druk meewerkte aan het ontsnappingsplan. De bewaarder werd tot 2 jaar veroordeeld. De uitbraakpoging mislukte. Cees H. kreeg van de belastingen een navordering van 500 miljoen gulden. Na onderzoeken van de advocaten van H. bleef er nog zo’n 7 miljoen gulden over die nagevorderd konden worden. Cees H. werd op 17 februari 1995 tot 4 jaar cel veroordeeld in het hoger beroep na een eis van 6 jaar.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *